Motorproblemen

Voorkomen is beter dan genezen

Een goede temperatuurhuishouding in een verbrandingsmotor is belangrijk. Koud is niet goed vanwege het rendement en snellere slijtage. Maar als een motor zijn warmte niet kwijt kan, dan gaat het echt fout. En dat kan héél snel gaan, compleet met rook- of stoomwolken. Onder het motto ‘voorkomen is beter dan genezen’ hier een aantal tips.

Pech

Moderne koelsystemen zitten ingewikkeld in elkaar. Motoren moeten namelijk, om het milieu zo min mogelijk te belasten, na de koude start zo snel mogelijk op bedrijfstemperatuur komen. Veel autofabrikanten hebben hun eigen ‘specifieke’ koelvloeistof die de corrosie in het koelsysteem bestrijdt en de coating aan de binnenkant van het koelsysteem in stand houdt en versterkt. Een willekeurige koelvloeistof gebruiken is dan voor dat moment wel een aardige oplossing, maar op den duur leidt dit tot schade aan het koelsysteem of, erger nog, aan de inwendige metalen delen van de motor. In geval van nood leidingwater bijvullen mag. Maar verlies van koelvloeistof duidt op lekkage (via bijvoorbeeld slangen, radiateur of koppakking) en moet dus worden verholpen. Daarna koelvloeistof weer bijvullen tot de voorgeschreven vorstgrens.

Te koud

Een te lage motortemperatuur – komt voor bij ‘het nieuwe rijden’ in combinatie met korte ritten – is funest voor de motor. Als vuistregel kun je aanhouden dat de koelvloeistof na een kilometertje of 5 wel op temperatuur is. Pas tien kilometer daarna is ook de motorolie op temperatuur. Wat gebeurt er met de olie als we de auto tijdens de vakantie op zijn staart trappen? Dan wordt de olie heet en het vocht erin gaat verdampen. Daardoor zal het oliepeil zakken. Niet vanwege het verbruik, maar omdat het water uit de olie verdwijnt.

Oliekan

Om smeerproblemen te voorkomen is het goed om tijdens de eerste vakantierit – zeker op buitenlandse snelwegen – de motor niet gelijk de sporen te geven. Pas na een paar uur rijden zal het meeste vocht uit de olie zijn verdwenen. Bij twijfel gewoon vóór de vakantie nieuwe olie erin. Dat is goedkoper dan een nieuwe motor.

Black sludge

Onder Nederlandse gebruiksomstandigheden – files, lage snelheden, korte ritten en hoge luchtvochtigheid – is de kans op vorming van black sludge groot. Dit slijmerige goedje kan zorgen voor een verstopte oliezeef, waardoor de oliepomp geen olie meer kan aanzuigen. Het rode lampje voor de oliedruk zal dan gaan branden. Als dat gebeurt, moet u de motor onmiddellijk afzetten!

Toevoegingen

Diesel

Moderne diesels hebben niet zelden een systeem dat het roetfilter laat regenereren. Als het tankje met regeneratievloeistof leeg is, dan lukt dat niet meer. Echter: het motormanagement poogt in zijn onwetendheid wel te regenereren met onder andere het verrijken van het mengsel en het verlaten van het inspuittijdstip. Gevolg is dat de motor niet in staat blijkt de te veel ingespoten brandstof te verbranden. Die brandstof komt dus (langs de zuigerveren) in het oliecarter terecht met een veel te hoog oliepeil tot gevolg. Te veel olie in het carter is nooit goed maar in een diesel ook gevaarlijk: er komt een punt waarop de motor het ‘binnenkrijgt’ via de carterventilatie en dus op hol slaat. Dat heeft grote motorschade tot gevolg.

Te warm

Tegen oververhitting van de motor is genoeg te doen. Om te beginnen moet u vóór de vakantie het koelsysteem (laten) nalopen. Is de waterpomp in orde, de V-snaar in goede conditie en op de juiste spanning, zijn er geen lekkages en is er voldoende koelvloeistof aanwezig? Te weinig koelvloeistof duidt op lekkage.

Rijstijl

Berging

Ook de rijstijl is van invloed op de temperatuur. Zeker met een aanhanger is ‘het nieuwe rijden‘ niet aan te bevelen. Een motor moet toeren maken om te trekken. Daar is de toerenteller een handig hulpmiddel voor. Zorg, door tijdig terug te schakelen ervoor dat de naald van de toerenteller niet onder het toerental van het maximale koppel (zie de technische specificaties) komt. 

Pas ook op bij het gebruik van de cruisecontrol. Voordat u het weet is de motor door een te laag toerental zo overbelast dat hij de geest geeft. Oververhitting van motoren heeft vaak het doorslaan van de cilinderkoppakking tot gevolg. Maar ook nog grotere motorschades zoals zuigers die gaan ‘vreten’ of een gat in de zuiger behoren tot de mogelijkheden. 

Loopt de motortemperatuur toch nog hoger op dan normaal: schakel dan terug, zet je airco tijdelijk uit om de motor minder te belasten. Neem eventueel wat gas terug, zet de kachel op heet en de ventilator op max. Is in de zomer niet zo fris, maar wel het behoud van je motor. En als de temperatuurmeter of het lampje rood wordt, is het natuurlijk tijd te stoppen en de motor af te zetten.

Even tanken…

Zodra een motor wordt afgezet, stopt in principe de koeling. Bij sommige auto’s draait wel de koelventilator nog door, maar de watercirculatie is doorgaans stopgezet. Het spreekt voor zich dat er een enorme verhoging van de motortemperatuur plaatsvindt. Zet dus na een lange rit – zeker als er net een helling is genomen – nooit de motor ineens af! Laat ‘m eerst even een minuutje stationair op adem komen. Dat is zeker bij turbomotoren nodig. Een roodgloeiende met 150.000 toeren per minuut draaiende turbo plotseling stilzetten is vragen om – dure – problemen. 

Koeling

Bij het tanken controleer je natuurlijk ook periodiek de standen van de olie (na een paar minuten) en koelvloeistof. Is de motor warm, dan niet zomaar de dop van het koelsysteem losdraaien. Doe je dat wel, dan maak je een aardige kans alsnog de ANWB Alarmcentrale te moeten bellen. Maar dan voor een medisch dossier… De dop losdraaien kan wel, maar pas als de motor minimaal een half uur heeft stil gestaan. Voor controle op het vloeistofpeil hoeft de dop er niet af. Het expansievaatje is niet voor niets doorzichtig.

Lees meer over pech voorkomen